Wandbeplating

Binnendoosconstructies

Binnendoosconstructies zijn specifiek ontworpen voor de toepassing in gevelconstructies. Binnendoossystemen zijn zelfdragend doch maken geen onderdeel uit van de draagconstructie.

Binnendoossystemen bestaan uit een binnenblad opgebouwd uit horizontaal (in uitzonderingsgevallen verticaal) gemonteerde binnendozen en een buitenblad van geprofileerde buitenplaten.

De horizontaal gemonteerde binnendozen overspannen de afstand spant/spant (meestal ca. 5,0 m) en dragen de belastingen op de gevelconstructie over op de betreffende kolommen. De binnendozen vormen tevens een nagenoeg vlakke binnenafwerking en de drager voor de isolatie die in en/of vóór de dozen wordt aangebracht.

De buitenbeplating kan direct aan de binnendozen worden bevestigd. Men verkrijgt dan een verticaal gemonteerde buitenbeplating (bij horizontaal gemonteerde binnendozen). De buitenbeplating kan o.a. van het type trapezium, golf- of plankprofiel zijn.

De buitenbeplating kan ook via een intermediair in de vorm van tussenprofielen zoals omega- of Z-profielen aan de binnendozen worden bevestigd. Men verkrijgt dan een horizontaal gemonteerde buitenbeplating (bij horizontaal gemonteerde binnendozen). De buitenbeplating kan van uiteenlopende profileringen zijn voorzien.

Door de steeds toenemende technische en esthetische eisen en door het steeds grotere toepassingsgebied van binnendoosconstructies komen er steeds meer variaties op deze opbouw. De belangrijkste in dit kader is die, waarbij de isolatie zich niet alleen in de binnendozen bevindt, maar ook tussen deze dozen en de buitenbeplating. Deze isolatie loopt ongecomprimeerd door tussen binnendozen en buitenbeplating resp. verticale profielen en verhoogt daarmee de isolerende werking van het systeem in sterke mate.

Toe te passen materialen

In binnendoosconstructies worden standaard de volgende materialen toegepast:

  • sendzimirverzinkte stalen binnendozen. Deze kunnen standaard aan de interieurzijde zijn voorzien van een interieurcoating;
  • plaatvormige isolatie. Dikwijls is dit steen- of glaswol, maar bijvoorbeeld ook EPS is mogelijk;
  • sendzimirverzinkte stalen buitenbeplating of aluminium buitenbeplating. Sendzimirverzinkt materiaal, dat bloot staat aan buitencondities dient aan de betreffende zijde altijd van een duurzame coating te zijn voorzien;
  • primaire bevestigingsmiddelen
    - de binnendozen worden op de achterconstructie bevestigd middels schroeven of schietnagels;
    -de buitenbeplating, en eventuele profielen worden met zelftappende of zelfborende (afstand)- schroeven op de achterliggende constructie bevestigd;
  • secundaire bevestigingsmiddelen
    - afhankelijk van de toepassing en eisen kunnen de binnendozen onderling worden gekoppeld met zelftappende of zelfborende/snijdende schroeven;
    - afhankelijk van de toepassing en eisen kunnen de buitenplaten onderling worden gekoppeld met zelftappende of zelfborende/snijdende schroeven dan wel met blindklinknagels;
  • afdichtingsmaterialen
    - afhankelijk van de toepassing en eisen kunnen tussen de binnendozen onderling en tussen de dozen en achterconstructie aanvullende afdichtingsmaterialen nodig zijn in de vorm van bijv. (compressie)band of kit;
    - afhankelijk van de toepassing en eisen kunnen tussen binnendozen en buitenbeplating dampremmende foliën dan wel waterkerende, dampdoorlatende foliën noodzakelijk zijn;
    - afhankelijk van de toepassing en eisen kunnen tussen binnendozen en buitenbeplating resp. zetwerk vulstroken (fillers) noodzakelijk zijn om luchtstromingen te beperken/blokkeren;
  • zetwerk. Zetwerk wordt gewoonlijk gemaakt uit vlakke plaat van 0,7 mm.

Opmerking:
Het gebruik van gespoten PUR moet tot een minimum worden beperkt. Indien mogelijk dient t.b.v. isolatie gekozen te worden voor passende isolatiestroken. T.b.v. het maken van afdichtingen is gespoten PUR ongeschikt.

Toepassingsgebied systeem

Binnendoosconstructies kennen een enorm breed toepassingsgebied: van eenvoudige hal tot museum, van een laag gebouw tot hoge silo en van opslagloods tot ‘hightech’ productiefaciliteit.
Bij eenvoudige (vooral bouwfysisch en esthetisch gezien) toepassingen zullen er weinig aanvullende voorzieningen aan het systeem noodzakelijk zijn. Bij ‘hoogwaardige’ toepassingen zijn ze wel noodzakelijk. Dan moet gedacht worden aan doorlopende, ongecomprimeerde isolatie tussen binnendozen en buitenbeplating resp. tussenprofielen, aan afdichtingsbanden in de voegen tussen de dozen en aan waterkerende, dampdoorlatende folie direct achter de buitenbeplating.

Binnendoosconstructies lenen zich hierdoor bijzonder goed voor de volgende toepassingen en situaties:

  • opslaghallen van uiteenlopende goederen met uiteenlopende binnencondities, in alle vormen en maten;
  • productiefaciliteiten voor uiteenlopende productieprocessen met uiteenlopende binnencondities, in alle vormen en maten;
  • winkels, garages, (auto)showrooms, sportaccommodaties etc. etc.

Binnendoosconstructies lenen zich hierdoor minder goed, of zijn zelfs ongeschikt, voor de volgende toepassingen en situaties:

  • gebouwen waaraan zeer hoge esthetische eisen worden gesteld;
  • koel- en vrieshuizen;
  • bij geëiste isolatiewaarden Rc > 4,5 m2K/W;
  • gebouwen met een hoge interne relatieve luchtvochtigheid (> 65%).

Sandwichpaneelconstructies

Omschrijving systeem

Sandwichpanelen zijn ontworpen voor de toepassing in gevel- en dakconstructies. Dakpanelen zijn in principe wel toe te passen in gevels.

Sandwichpanelen bestaan uit een binnenplaat, een kern van isolatiemateriaal en een buitenplaat. Essentieel bij sandwichpanelen is dat platen en kern constructief gezien één geheel vormen. De hechting tussen de genoemde materialen dient derhalve nagenoeg volledig te zijn en mag nimmer, ook niet plaatselijk, worden verbroken, tenzij hiervoor in de plaats aanvullende constructieve voorzieningen zijn getroffen.

Horizontaal gemonteerde panelen overspannen de afstand spant/spant (of stijl/stijl) en dragen de belastingen op de gevelconstructie over op de betreffende kolommen (stijlen). Verticaal gemonteerde panelen overspannen de afstand regel/regel en dragen de belastingen op de gevelconstructie over op de betreffende regels.

De buitenplaat van sandwichpanelen kan van sendzimirverzinkt staal (of staal voorzien van een legeringslaag van aluminiumzink of zinkaluminium) of aluminium zijn. Uiteenlopende vormgevingen zijn mogelijk, zoals constructieve profilering, optische profilering, gegroefd, stucco, microliniëring, gegolfd of vlak.

De binnenplaat van sandwichpanelen kan van sendzimirverzinkt staal (ook staal voorzien van een legeringslaag van aluminiumzink of zinkaluminium) of aluminium zijn. Uiteenlopende vormgevingen zijn mogelijk, zoals optische profilering, gegroefd of vlak.
Kernmaterialen zijn PUR, EPS, PIR en minerale wol, in verscheidene diktes en kwaliteiten, e.e.a. vaak afhankelijk van de warmteweerstand en de draagkracht i.c.m. de overspanning.

In principe bestaan er twee methoden om sandwichpanelen aan de achterconstructie te bevestigen: zichtbaar of onzichtbaar (blind). Bij een blinde bevestiging zijn de bevestigingsmiddelen over het algemeen opgenomen in de voeg. Dit kan zijn in de vorm van ‘standaard’ schroeven maar ook in de vorm van een systeemspecifieke klemconstructie.

Zelfdragende sandwichpanelen zijn (gewoonlijk) aan de twee langszijden voorzien van een geprefabriceerde voegconstructie. Ook zijn er panelen op de markt met aan alle vier zijden een dergelijke voeg. Naar voeg kan er nog onderscheid worden gemaakt tussen panelen met een enkele (midden) dichting en panelen met een dubbele (binnen en buiten) dichting (ook wel aangeduid als ‘koelhuis’-panelen). In de voegconstructie kunnen (aanvullende) afdichtingsmaterialen zijn opgenomen, die fabrieksmatig worden aangebracht en/of in het werk. Aanvullende afdichtingen (in overlappen) kunnen ook noodzakelijk zijn bij de toepassing van sandwichpanelen in (flauwhellende) daken.

Naast een afdichtende functie dienen de voegen dikwijls ook als inklemming voor het aangrenzende paneel. Dit betekent dat deze panelen een vaste montagerichting hebben en niet of slechts met moeite individueel uitwisselbaar zijn.

Afhankelijk van het type paneel en systeem en afhankelijk van type en vorm gebouw kunnen aansluitingen en detailleringen worden uitgevoerd met geprefabriceerde elementen of met zetwerk. Bij de toepassing van zetwerk sluit de wijze van detaillering aan op die bij opbouwconstructies.


Toepassingsgebied systeem

Sandwichpaneel-constructies kennen een enorm breed toepassingsgebied: van hal tot museum, van laag gebouw tot hoog kantoorgebouw en van opslagloods tot ‘high-tech’ productiefaciliteit. Sandwichelementen kunnen daarbij een groot aantal functies tegelijk vervullen: regen- en wind-dichting, warmte- en geluidsisolatie, brand’muur’ etc.

Sandwichpaneel-constructies lenen zich bijzonder goed voor de volgende toepassingen en situaties:

  • opslaghallen van uiteenlopende goederen, in alle vormen en maten, die een bepaalde minimum binnentemperatuur behoeven;
  • productiefaciliteiten voor uiteenlopende productieprocessen met uiteenlopende binnencondities;
  • winkels, garages, (auto)showrooms, sportaccommodaties etc. etc.;
  • kantoorgebouwen, scholen, woningen etc.
  • gebouwen, waarbij hoge isolatiewaarden worden verlangd (Rc > 4,5 m2K/W);
  • gebouwen met extreme binnencondities (koelhuizen, zwembaden etc.).

Een belangrijk gegeven van sandwichpanelen is de hoge mate van prefabricage. Dit betekent een hoge mate aan procescontrole, korte bouwtijd en weinig hinder van weersinvloeden. Aan de andere kant kan dit ook enige beperking inhouden m.b.t. het doorvoeren van late wijzigingen.

Bucon Borne B.V. is hét bedrijf voor het leveren, aanbrengen en afwerken van uw wand- en dakbeplatingen. Omdat ons team gespecialiseerd is op één vakgebied is de kwaliteit van hoog niveau.

Specifieke vragen over een product?
Neem contact op met Bucon